Als onze dochters kiezen om economisch afhankelijk te zijn doen we iets niet goed

Zorg dat je je eigen hachje kunt betalen

‘Jonge vrouw zet nog altijd niet in op carrière’ las ik gisteren in de Volkskrant. En ‘meisjes vinden ook vrije tijd belangrijk en sorteren daar in hun studie op voor’. Jonge vrouwen kiezen dus om minder carrière te maken, minder te werken en meer te zorgen voor hun kinderen. Dat kan toch ook anders?  

Dit artikel gaat door onder de afbeelding

300x250

Twee derde van de jonge vrouwen tot 25 jaar werkt in deeltijd, een derde van de vrouwen is economisch niet zelfstandig, nergens werken jonge vrouwen zo weinig uren als in Nederland; het onderzoek van het Sociaal en Cultureel Planbureau, Werken aan de start – jonge vrouwen en mannen op de arbeidsmarkt, is weinig optimistisch. Vrouwen werken minder en zorgen meer. En dat terwijl vrouwen (in de leeftijdsgroep tot 45 jaar) vaak hoger opgeleid zijn dan hun manlijke leeftijdsgenoten en ze, bij hun start op de arbeidsmarkt, ook nog eens een gemiddeld hoger uurloon hebben.

En toch, ergens along the way, haken vrouwen af. Volgens het onderzoek beginnen zowel mannen als vrouwen in deeltijdbanen op de arbeidsmarkt. Maar willen jonge mannen al vanaf het begin meer gaan werken om carrière te maken, terwijl voor meisjes dat niet zo hoeft. Die vinden vrije tijd, en later de zorg voor de kinderen ook belangrijk. En dus werken ze het liefst parttime, en kiezen daarom voor een opleiding die voorsorteert op een beroep die ze in deeltijd kunnen doen, zoals de gezondheidszorg.

Jonge vrouwen die ervoor kiezen om parttime te werken, en daar dan ook nog hun studiekeuze op laten aansluiten, ik snap het niet. Waarom zou je een goed stel hersens, een doortastende attitude of een interessante voltooide opleiding maar voor de helft, of minder, gebruiken? En die andere helft aan de kant schuiven om voor je kinderen te zorgen? Begrijp me goed, ik heb niks tegen het willen zorgen voor je kinderen, integendeel. Ik heb er zelf twee, en zorg daar met verve voor. Maar die kinderen heb ik niet alleen, en dus zorgt mijn man er met evenveel verve voor. Dat vrouwen in Nederland nog steeds een stap opzij doen op hun carrièreladder, of er zelfs helemaal vanaf stappen, in het belang van BV Het Gezin, en daardoor economisch niet zelfstandig zijn vind ik onbegrijpelijk. Iemand moet deze vrouwen ter verantwoording roepen, en uitleggen hoe belangrijk het is dat ze hun eigen broek kunnen ophouden. En daar gaat dus iets mis. Want die taak ligt bij ons, hun ouders.

Wij moeten onze dochters zo opvoeden dat ze economisch zelfstandig (willen) worden en dat ze het niet meer dan normaal vinden dan de zorgtaken binnen hun gezin gelijk worden verdeeld. Met dat hele ‘als vrouw kan ik dat toch beter’ zijn we nu wel klaar mee. De vader van die kinderen kan dat net zo goed. Sterker nog, hij zou zijn zorgdeel gewoon moeten opeisen en zijn vrouw met een ‘ga lekker werken, schat’ de deur uitbonjouren. Voor die gelijkheid, zowel op de werkvloer als binnen het gezin, daar hebben veel vrouwen, waaronder onze oma’s en moeders, in ieder geval die van mij, hard voor gestreden. Zij hebben de weg voor alle vrouwen van de generaties na hen vrijgemaakt. Hoezo laten we onze dochters dan hun schouders ophalen en de helft van hun potentieel benutten?  Dat is toch doodzonde?

Die afhankelijkheid van vrouwen is nog helemaal van niet zo lang geleden. Mijn oma was financieel afhankelijk van mijn opa. Tegen haar zin in. Toen zij zwanger was van haar oudste, en we hebben het nu over de jaren veertig van de vorige eeuw, kon ze haar spullen pakken en thuis gaan zitten zorgen. Niet dat ze dat wilde, maar ze had geen andere keus. Moeders behoorden nu eenmaal thuis te zitten en niet op de werkvloer. Dat nam niet weg dat ze haar drie dochters opvoedde met het idee: hoe je het ook doet, zorg in ieder geval dat je een beetje je eigen broek op kunt houden. Tegen mijn moeder zei ze altijd: ‘Je bent te slim om thuis te zitten’. En hoewel mijn moeder dat ter harte nam, had ze nog wel het een en ander uit te vechten met mijn vader, die op zijn beurt had gezegd, nadat mijn broer zich aankondigde, ‘Jij blijft nu thuis’.

Dat laatste gebeurde overigens niet, mijn moeder keek wel beter uit, maar dat ging niet zonder slag of stoot. Ze heeft hoog moeten inzetten. Pas nadat ze dreigde om bij hem weg te gaan liet mijn vader haar schoorvoetend een aantal dagen werken. De grap is dat mijn vader niet al te veel later, eind jaren zeventig, op het hoogtepunt van die tweede emancipatiegolf, zichzelf op de borst klopte omdat hij die moderne man was waar om werd geschreeuwd. En eerlijk is eerlijk, hij is vanaf toen ook meer gaan meehelpen in huis en gunde mijn moeder meer werkuren.

Ik ben dus opgegroeid met een werkende moeder. Die op haar beurt mij op het hart drukte om van niemand afhankelijk te zijn. En dat ik mijn leven kon inrichten hoe ik wilde, maar dat ik gewoon mijn eigen hachje moest kunnen betalen. In de familielijn van vrouwen ben ik de eerste die fulltime werkt en de zorgtaken deelt. Het is het voorbeeld dat ik aan mijn dochter geef: je bent het waard om je eigen keuzes te maken, om je te ontwikkelen, om te doen wat je wilt doen, met wie je dat wilt doen. Maar dat kan alleen als je onafhankelijk bent, en economische zelfstandig. Want alleen dan kun je de beste keuzes voor jezelf maken.

Als mijn dochter later de arbeidsmarkt opgaat vindt ze het, hopelijk, niet meer dan normaal dat ze fulltime kan werken. En dat dat prima te combineren is met die zorgtaken voor dat gezin omdat een partner simpelweg een gelijk deel voor zijn rekening neemt. En als je werk en zorg gelijk verdeeld is het ook niet zwaar of ingewikkeld. Mijn moeder zei het al: ‘Je kunt het ingewikkeld maken, maar je kunt het ook gewoon doen’.

 

Lees ook
Geschreven door
More from Saskia Smith

Deze puber is blind, maar ‘ziet’ alles!

Toen Ben 3 jaar was kreeg hij kanker waardoor hij beide ogen...
Lees verder