Hoe in vier seconden een gezellig etentje een oorlogsgebied werd

Ik weet niet hoe jullie avond is verlopen, maar de stof van het slagveld waar ik net vandaan kom dwarrelt eigenlijk nog maar net neer. Er was zon, er was een opgeruimde achtertuin, met een vrolijk gedekte tafel, met daarop een overheerlijke ovenschotel, allerhande zelfgemaakte priklimonades en iets met zesdubbellaagsechocoladeslagroomcake toe. Inderdaad, dat dacht ik ook: dit wordt gezellig. 

Dit artikel gaat door onder de afbeelding

300x250

Het is vakantie en De Man besloot eens extra lekker te koken. En dus sommeerden we onze pubers om op tijd naar huis te komen zodat we met elkaar gezellig konden eten. Uiteraard in overleg want wij weten ook wel, en anders wordt ons dat wel verteld, dat zij óók een leven hebben. Maar ze vonden het leuk en het omkopen met die zeslaagsechocoladetoestand hielp ook wel mee.

Een half uur na de afgesproken tijd, er was een bus met vertraging, een fiets zonder zadel, een lege telefoon waarmee je én niet de tijd kunt checken én niet kunt bellen dat je later komt, zaten we dan aan tafel. We hadden er zin in. De eerste happen verliepen in een opperbeste gezellige stemming en was het een vredig tafereel daar met ons gezin in onze achtertuin. Dat duurde precies vier seconden.

‘Kun je niet zo smakken’, bitste een puber ineens tegen niemand in het bijzonder.

‘Kun jij je bek houden?’, was het rappe antwoord van de ander die zich blijkbaar aangesproken voelde.

‘Wie zegt dat ik het tegen jou heb? Bemoei je lekker met jezelf.’

‘Kun jij ook gewoon van tafel?’

‘Ga lekker zelf ergens anders zitten.’

De Man en ik keken elkaar aan en zeiden dwingend, maar met kalme stem, want hé, dat werkt in zo’n hormonaal bekgevecht toch het beste, of ze hun mond wilden houden en door wilden eten.

‘Whatever, ik doe mijn koptelefoon wel op.’

‘Lekker sociaal, we zitten aan tafel.’

‘Jij zit toch ook stiekem op je telefoon.’

‘Hou je kop.’

De Man greep in door te zeggen dat wij de ouders zijn en er derhalve voor zorgen dat regels worden nageleefd. En dat ze geen vader en moeder over elkaar hoefden te spelen omdat die er al zijn, getuige hun volwassen tafelgenoten. Er volgde een sisgeluid aan de ene kant van de tafel en een zucht aan de andere kant, maar er werd weer gegeten. En als je eet kun je niet praten, dus er was hoop dat dit gezellige etentje alsnog zou worden gered. Ik had alleen niet op die ‘per ongeluk’ uitgeschoten elleboog gerekend, en dat ‘onopzettelijke’ uitgestoken been. Vanaf daar ging het bergafwaarts.

Het lastige van pubers is dat ze in een opperbeste stemming door het huis kunnen draven en die stemming binnen acht tiende seconde om kan slaan. Je ziet het nooit aankomen, je bent nog in de veronderstelling dat het allemaal leuk en gezellig is en als de boel dan ontploft denk je: what the hell is hier net gebeurd? Het lastige van twee pubers in huis hebben is dat die hormonale schommelingen in stereo door het huis golven. En behoorlijk aanstekelijk zijn. We zaten allemaal goed geluimd aan tafel, maar doordat de stemming omsloeg bij de ene puber, gebeurde dat ook bij die ander. En zaten wij met twee kinderen aan tafel die aan het ruziën waren.

Het werd er niet gezelliger op aan tafel. De een stond op en ging pontificaal aan de andere kant van de tuin zitten. Toen ging ik me ermee bemoeien, want als er voor je is gekookt kun je ook het fatsoen hebben om aan tafel te zitten. Dus de puber werd teruggefloten. De ander begon ondertussen over hoe be-lach-e-lijk het is dat je met elkaar moet eten. De een schoof een bord naar voren, want geen zin meer in dit gedoe, de ander had eigenlijk al patat en een milkshake op dus die was eigenlijk wel klaar. Ze vonden het eten eigenlijk ook niet zo lekker, want ‘jullie eten altijd van die gezonde dingen’. Konden ze al opstaan? Ze waren toch klaar, dus? Ineens klonk ik als mijn moeder: ‘Dit is het enige moment van de dag dat we even bij elkaar zitten, je brengt het maar op’, riep ik hard naar mijn pubers. Ze antwoordden stilzwijgend met gezucht en oogrollen.

Het makkelijkste is misschien om te zeggen ‘donder dan allemaal maar op’. Dan konden De Man en ik gewoon samen verder eten, een fles wijn optrekken en nog een gezellige avond hebben. Maar ja, dat gemak gunde ik mijn pubers ook niet. Ze moeten maar leren dat het leven niet altijd een pretpark is. We gingen door met eten. Ondanks het snauwen. Ondanks het lispelen. Ondanks het verraden: ‘je mag niet op je telefoon’. En ondanks opgestoken middelvingers. Met al dat politie-agentje spelen leek het wel alsof we met twee kleuters aan tafel zaten. Wat dat betreft is er echt geen verschil in het opvoeden van een 4- of een 14-jarige.

Nog voordat De Man en ik het eten ophadden stonden beide pubers toch op. De een was echt klaar met eten, en ook wel klaar met ons. De ander had afgesproken, dus doei. Weer floten we onze pubers terug. Er waren nog wel wat taakjes, tafel afruimen, vaatwasser inruimen, de keuken opruimen, wie dachten ze dat dat zou gaan doen? Ze wezen naar elkaar, want de een had dit allemaal gisteren gedaan en de ander eergisteren, maar toen was het twee keer zoveel werk. En wisten we niet dat ze het heel druk hadden enzo? De een ging zich alvast omkleden, de ander moest bellen. Nou ja, lang verhaal kort: ik zit nu beneden met twee mobiele telefoons, boven zitten twee heel boze pubers. Leuk zo’n etentje. Hoewel: die zesdubbellaagsechocoladeslagroomcake hoeft niet gedeeld te worden. Ha!

 

 

 

Tags from the story
, , , ,
Lees ook
Geschreven door
More from Saskia Smith

20 dingen die je duidelijk zegt, maar pubers heel anders horen

Het lijkt soms wel of pubers een andere taal spreken. Of in...
Lees verder