Een puber die niet op schoolkamp wil, wat doe je dan?

Als je puber niet op kamp wil, wat doe je dan?

De veertienjarige zoon van Anne wil niet op schoolkamp. Want de pesters van de klas gaan ook mee en die hebben het ook op hem voorzien. Anne twijfelt, moet ze hem dwingen om te gaan, of gewoon lekker thuis houden?

Dit artikel gaat door onder de afbeelding

300x250

‘Hij moet ook wel leren om wat assertiever te worden, hé? Dat zal hij later in het leven ook nodig hebben om zich te redden’,  zei de kleuterjuf over mijn zoon die toen vier was. Ik had hem tot dan geleerd te delen, lief te zijn, sorry te zeggen en geen zand te eten, maar nu hij op school zit, moest hij blijkbaar ook andere dingen kunnen.

Ik zat bij de juf omdat er een jongetje in de klas was die het op mijn zoon had voorzien en dat had ik bij haar aangekaart. Die glimlachend en ja-knikkend tegenover me zat en haar monoloog over mijn zoon afstak en zei dat hij van zich af moest leren bijten in plaats van dat ze de pester aanpakte. Ze had een kort, pittig kapsel en praatte behoorlijk opgefokt en hoog. Al haar woorden deden zeer aan mijn oren. Het liefst wilde ik haar een stomp geven zodat ze van dat stomme lage krukje zou vallen. Op haar rug, met haar Doctor Martins spartelend in de lucht. En dat ik haar dan zou toebijten: ‘Zo ongeveer?’

Niet assertief

Nee, dat heb ik natuurlijk niet gedaan. Want net als mijn zoon ben ik niet assertief. Dus vraag ik haar vriendelijk: ‘Maar het toch jullie taak om zo’n bully aan te pakken? Moet je zo’n jongetje niet juist leren dat hij lief moet zijn?’ Ze haalt haar schouders op: ‘Ach ja, jongetjes he? En de meisjes kunnen net zo erg zijn hoor! Hihihi!’ Ik wilde de kop van haar romp trekken, maar bleef gewoon zitten en deed niks.

Ik heb het vaker gehoord als ik weer eens ingreep in de speeltuin omdat mijn zoon maar niet aan de beurt kwam bij de kabelbaan omdat kinderen bleven voordringen. Ze moeten assertiever zijn, van zich af bijten, hun plek op eisen. Beteuterd liet hij zich keer op keer die ronde schijf aan dat touw uit zijn handen trekken. Totdat ik briesend tevoorschijn kwam, schuim om de mond, vurige ogen en dan met een priemende vinger tegen zo’n kind aantikte: En. Nu. Is. Hij. Aan. De. Beurt! Meestal schrok ook mijn eigen zoon dan zo dat niemand meer van de kabelbaan durfde.

Met de klas op kamp

Nu is er de kwestie: derde klas survival kamp in de Ardennen.  Mijn zoon moet drie dagen lang in zelfgebouwde tenten, met temperaturen onder het vriespunt, fietsen, wandelen en klimmen in de Belgische Ardennen. En – hoera! – de grootste etterbakken van de klas gaan ook mee. En dat is niet eens het ergste. Het grootste probleem is eigenlijk de nieuwe mentoren die meegaan.

Mentor 1 is een Brabantse bullebak die voortdurend misplaatste grapjes maakt en mijn zoon na een conflict in de klas al een keer toebeet: ‘Wat is er, ga je nu huilen?’. Waarop mijn zoon alle zeilen moest bijzetten om voor het oog van zijn klasgenoten inderdaad niet in tranen uit te barsten. Mentor 2 is een popie-jopie die vooral oog heeft voor de meisjes in de klas. Dat is waar hij het mee moet doen. Echt ook, want een mobiel meenemen is verboden. Geen vertrouwen in je klasgenoten is één ding, maar dan ook nog eens niet terecht kunnen bij de personen die je zouden moeten ondersteunen is de nekslag voor iedereen, helemaal voor pubers.

Vertrouwenspersoon

Mijn zoon wil niet. Hij wil ECHT NIET en ik wil hem ook niet dwingen. Ik vond schoolkamp zelf altijd verschrikkelijk en als hij niet wil hoeft het ook niet van mij. Aan de andere kant denk ik dat het een heel leuke ervaring voor hem kan zijn, dus neem ik contact op met de vertrouwenspersoon van school. De tijden zijn kennelijk al een beetje veranderd want tot mijn opluchting zegt ze niet: ‘Hij moet ook wel een beetje assertiever worden’,  maar neemt gelukkig mijn zorgen serieus en na overleg mag hij zijn mobiel meenemen en wordt de mentor van de parallelklas als extra vertrouwenspersoon ingeschakeld.

Als hij bepakt en bezakt in de bus stapt houd ik mijn hart vast. En weet ik dat als ik een appje krijg dat het niet gaat, ik in één ruk door naar de Ardennen rijd om degene die hem niet voor hebben laten gaan op de kabelbaan de schrik van hun leven te bezorgen. Ik werp een blik op mijn prikvinger. Volgens mij doet die het nog altijd prima.

Leuke vrienden verzamelen

Als de bus na een week weer het schoolplein oprijdt komt er een oververmoeide stuiterbal met piekhaar de bus uit rollen. Hij heeft nauwelijks aandacht voor zijn vader en mij. Hij zoekt zijn spullen, maakt vage handschudgebaren en roept met schorre stem onverstaanbare dingen naar de jongens met wie hij een tent heeft gedeeld. Een blonde jongen met een beugel, een dromerige gast die nog langer is dan hem en een nerd met een bril. Ze geven elkaar nog even een dikke groepshug.

Ik besef me voor het eerst echt dat het wel goed komt met die jongen van mij. Maar de kleuterjuf had ongelijk. Dat hij het gaat redden komt niet omdat hij heeft geleerd ‘een beetje assertiever’ te worden, maar omdat hij heeft geleerd om mensen om zich heen te verzamelen die net zo leuk, grappig, lief en sterk zijn als hem. Mijn prikvinger mag met pensioen.

Lees ook: Gore dingen die pubers eten als lunch en Hotel Mama.

Tags from the story
, ,
Lees ook
Geschreven door
More from Anne de Vries

Pubers die griezelen van enge films en niet meer alleen willen slapen

Anne heeft een tweeling van 14 die best wel bang is. Dat...
Lees verder